Technologie
Ventilatie kantoor: wat is nodig en waar zit de besparing
Hoeveel verse lucht een kantoor volgens het Bbl en EN 16798-1 nodig heeft, waar ventilatie energie verspilt en wat u eerst controleert zonder de lucht te verslechteren.
Voor ventilatie kantoor noemt het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) 6,5 dm³/s verse lucht per persoon in nieuwbouw. Voor bestaande kantoren noemt IPLO 3,44 dm³/s per persoon. Een dm³/s is een liter per seconde. De besparing zit vooral in ruimten waar niemand is. Daar kan de ventilatie doordraaien volgens een vast schema.
Ventilatie kantoor: welke eisen gelden?
Volgens IPLO vraagt artikel 4.122 van het Bbl voor de gebruiksfunctie kantoor in nieuwbouw minimaal 6,5 dm³/s per persoon. Het aantal personen volgt uit de aanvraag voor de omgevingsvergunning. Voor bestaande bouw noemt IPLO in artikel 3.67 van het Bbl 3,44 dm³/s per persoon voor kantoren. De Bbl-eisen die IPLO noemt, gaan over capaciteit in dm³/s en niet over een ppm-waarde.
Voor werkgevers komt de regel uit het Arbobesluit. Het Arboportaal schrijft dat het Arbobesluit voorschriften geeft voor onder meer temperatuur en de hoeveelheid frisse lucht. De rijksoverheid schrijft voor beheerders van gebouwen dat mechanische ventilatie het best werkt als ze goed is afgesteld, jaarlijks wordt onderhouden en past bij het gebruik van de ruimte. Laat ook niet meer mensen in een ruimte toe dan het systeem aankan.
Welke normwaarden helpen bij een kantoor?
De Europese norm EN 16798-1 (in Nederland NEN-EN 16798-1) deelt het binnenmilieu in drie categorieën in. Bjarne Olesen noemt in het REHVA Journal (06/2024) voor niet-gewende personen 10 liter per seconde per persoon in categorie I, 7 in categorie II en 4 in categorie III. De ontwerper kiest een categorie en legt vast waarom die past.
Atze Boerstra geeft in het REHVA Journal (04/2019) de bijbehorende CO2-stijging voor een kantoortuin: 550, 800 en 1.350 ppm boven het buitenniveau. Het Bbl-minimum voor nieuwbouw, 6,5 dm³/s, ligt tussen categorie II (7) en categorie III (4). De Britse arbeidsinspectie HSE zegt dat 1.000 ppm overeenkomt met ongeveer 10 liter per seconde per persoon.
Waar verspilt ventilatie op kantoor energie?
Het Amerikaanse Pacific Northwest National Laboratory (PNNL) noemt in zijn Re-tuning Measure Guide drie plekken waar installaties vaak te veel doen. Het is een Amerikaanse richtlijn voor bestaande gebouwen. Controleer daarom altijd wat in uw eigen installatie van toepassing is.
Vaste schema's komen op de eerste plaats. PNNL schrijft dat installaties voor buitenlucht en afzuiging niet buiten gebruikstijd of voor de komst van mensen aan mogen staan. De kleppen voor minimale buitenlucht horen buiten bezetting helemaal dicht.
Daarna komen lege ruimten. PNNL schrijft dat veel regelingen zijn gebaseerd op een onrealistisch hoge ontwerpbezetting. Dan krijgt een kamer lucht voor meer mensen dan er zitten.
Als derde staat het luchtdebiet te hoog. Voor regelkleppen met variabel debiet (VAV-boxen) adviseert PNNL het minimale debiet te beperken tot 10 tot 15 procent van het maximale debiet.
Wat controleert u als eerste?
- Lees de schema's Vergelijk de draaitijden van de ventilatie met de kantooruren. De schema's staan in het gebouwbeheersysteem, in een tijdklok of in de regelaar van het luchtbehandelingsapparaat.
- Loop 's avonds of op zondag door het gebouw Noteer welke ventilatoren draaien als er niemand is.
- Meet CO2 buiten werktijd CO2 hoort in een lege ruimte naar het buitenniveau te zakken. Blijft de ventilatie dan aan, dan loopt de installatie voor niets. Dit is een praktische controle en geen norm.
- Vergelijk ontwerp en praktijk Tel hoeveel mensen er echt zitten en vergelijk dat met de bezetting waarvoor de installatie is ingesteld.
- Kijk naar de minimale instellingen Controleer minimale debieten en de stand van de buitenluchtkleppen per zone.
Wie ventilatie kantoor wil beoordelen, begint met meten. Meer staat in luchtkwaliteit meten op kantoor. Een uitleg over het systeem zelf staat in gebouwbeheersysteem.
Hoe bespaart u op ventilatie kantoor zonder slechtere lucht?
Bij ventilatie kantoor verlaagt u het debiet alleen op momenten en in ruimten waar niemand is. Voor ruimten met mensen blijft het Bbl-minimum de ondergrens. Meet eerst. HSE schrijft dat één momentopname misleidt en dat u meerdere metingen over de dag moet doen terwijl de ruimte bezet is. HSE ziet CO2-waarden die in een bezette ruimte steeds boven 1.500 ppm liggen als teken van slechte ventilatie.
HSE zegt ook dat CO2-metingen slechts een grove richtlijn zijn en niet aantonen dat lucht veilig is. Meet daarom na elke wijziging opnieuw, per ruimte. Een ruimte die voor de wijziging al te weinig lucht had, kan na het terugschroeven slechter worden. De metingen laten dat zien.
Nomestic helpt hierbij met monitoring per ruimte, analyse en volledig automatische ventilatieregeling, met of zonder gebouwbeheersysteem en zonder dat de HVAC-installatie wordt vervangen. Meer staat op de pagina over het platform ClimateIQ.
Hoeveel energie levert het op?
PNNL schrijft op zijn pagina over Building Re-Tuning dat 10 tot 30 procent van de energie in commerciële gebouwen verloren gaat door onjuiste en inefficiënte bediening. Dat cijfer gaat over het hele gebouw en niet over ventilatie alleen. Een besparingspercentage voor ventilatie kantoor noemt PNNL niet. De besparing in uw gebouw volgt pas uit uw eigen meetdata van voor en na de aanpassing.


